Station Halfweg-Zwanenburg bestaat honderd dagen

09 april 2013

In de rietkraag zit een witte gans te broeden. De uitdrukking is 'domme gans', maar deze ligt kalm in haar nest met boven haar het jachtige verkeer. Over het nieuwe voetpad langs de monumentale gevels van de suikerfabriek bereik je de toegangstrap van de traverse over de Haarlemmerweg. Behalve in de zwarte stallingen staan fietsen overal. Laatkomers stallen hun fiets voor de trap, vastgeketend aan de trapleuning. De trap telt veel treden en het beneemt je de adem als je hier een sprintje moet trekken omdat je laat bent.

Op de traverse heb je goed zicht. Aan de noordzijde het parkeerterrein waar nog plekken beschikbaar zijn. Waarom hebben de twee betonnen trappen van het perron naar het parkeerterrein verschillende treehoogtes? Achter het parkeerterrein het recreatiegebied, waar minirunderen naar het schaarse voer zoeken. Bij de spoorwegovergang 'koffie bij Kaatje', een uitspanning met terras waar je kunt zitten met koffie en taart.

Aan de zuidzijde van het spoor zicht op Sugar City. Zonder moeite kan je de vervlogen geur terughalen die hier tijdens de bietencampagne hing. Grote borden vertellen dat er nog ruimte te huur is, en suggereren dat je beter hier kunt huren, aan 'De Westas', dan aan 'De Zuidas'. Een creatieve vondst en misschien heeft de verhuurder gelijk. Je zit hier op het station en op steenworp afstand van Amsterdam en Haarlem. Zijn de silo's overdag al imposant, in het donker ogen ze spectaculair. Dan zijn het constant van kleur veranderende bakens die de plek markeren waar het allemaal gaat gebeuren. Een kleurige belofte.

Nieuw straatwerk aan de zuidzijde van het station loopt via luie treden over naar het perron. Bij de keerlus worden reizigers opgehaald en/of afgezet. Een nieuwe fiets- en voetgangersroute over het terrein van Sugar City vormt met de 'Bietenbrug' de verbinding tussen het station en Zwanenburg.

Met de groene, fraai golfende kappen en de transparante liften oogt het station aantrekkelijk hedendaags. Vier maal per uur stopt een sprinter die je naar Amsterdam of richting Haarlem brengt. Intercity's komen alleen langs. Als de bellen rinkelen doe je vanzelf een stapje terug. Imposant treingeweld raast voorbij met een enorme luchtverplaatsing. Weg kapsel en je voelt de trilling in je benen. Ons station is 100 dagen oud en het is nog steeds bijzonder om in Halfweg aan te komen; de conducteur die in een afremmende trein het station aankondigt, dan ben je trots en tevreden stap je het perron op.