Hoed af voor de heer Althoff!

26 march 2015
Alkmaar

Door Bob de Mon

De manegerand was schoon geschuierd, het elektrisch licht scheen, het blauwe en rode fluweel lag op de stoelen en op de grond lag een zeil, zodat niemand natte voeten van de drassige ondergrond zou krijgen. Aan niets ontbrak het, zelfs niet aan het kaarsvet voor het haar van de stalknechten. Ook de paarden, de trots van circus Althoff waren brandschoon. Toch kon de voorstelling nog niet beginnen.

Die dag verliep namelijk niet alles van een leien dakje. De trein, waarmee een groot deel van de attributen werd vervoerd, liep een behoorlijke vertraging op (dus ook toen al) en de vrachtwagen was te zwaar om over de oude Friese Brug te mogen. Die moest 8 kilometer omrijden.

Mopperen

Het gevolg was dat de eerste voorstelling een uur later begon dan was aangekondigd. Het publiek begon te mopperen en probeerde vroegtijdig de tent binnen te komen. Er moest zelfs politie aan te pas komen om de menigte in bedwang te houden. Soldaten van de Cadettenschool werden gerekruteerd om het circuspersoneel bij te staan. En zo kon pas om half negen met de voorstelling worden begonnen.

Die werd zonder de gebruikelijke pauze afgewikkeld. Met de paardennummers werd van wal gestoken. Een in fraai kostuum gestoken dame liet als eerste haar witte paarden een walsje maken, om daarna op ingewikkelder dressuur over te gaan. Een speciaal paardennummer was de cowboyshow. Daarvoor werden paarden gebruikt die zich niet zo gemakkelijk door de lasso werpende circusartiesten lieten vangen. Een van de paarden moest zelfs met man en macht in bedwang worden gehouden. Tot slot kwam directeur Althoff sr. zelf in de piste. Hij liet zeven paarden zich voor dood neervlijen en daar tussendoor zeventien andere paarden allerlei figuren maken. Het volgende nummer werd gepresenteerd door zijn zoontje, die qua formaat volkomen verloren ging tussen vier grote kamelen en twee nog grotere olifanten.

Kritisch

Dat er een eeuw geleden ook kritisch (hoewel stukken minder dan tegenwoordig) werd gekeken naar de manier waarop met dieren werd omgegaan, blijkt hier uit. "En dan de voorname statigheid van die goed gedresseerde kolossen, die zich gewillig door een knaapje laten leiden, zonder dat ruw geweld nodig is, het welk dergelijke voorstellingen wel eens onaangenaam maakt. Men treedt in dit circus met een prettig stemmende kalmte en zachtaardigheid op. Mister Baker bijvoorbeeld laat zijn geleerde beren wonderen van fietskunst verrichten, zonder dat er een karwats aan te pas komt. Ook clown Jack behandelt zijn ezels, varkens en ganzen - toonbeelden van domheid - zonder al te veel ruw geweld."

Lachen

Men kwam natuurlijk ook om te lachen naar het circus. Hiervoor had het circus twee clowntjes (lilliputters?) gecontracteerd. Die voerden een komische boksscène op. Zij werden afgelost door een troep namaak-militairen, die muziek uit hun geweren, kolbakken en een stukgeschoten kanon toverden.

Tot slot kreeg het publiek de onontbeerlijke halsbrekende toeren te zien. Die werden begonnen met het jongleren van Mister Hodgini. De Boston Brothers sprongen en duikelden over elkaar heen of het een lieve lust was en als klap op de vuurpijl liet Mister Glabin de Tweede zich met duizelingwekkende vaart, en onder ijzige stilte, uit de nok van het circus in het vangnet vallen.

Het circus Althoff bleef nog enige dagen in Alkmaar staan. Zo kon het personeel van de IJzer- en Metaalgieterij op kosten van de baas ook genieten van alle kunsten.