Het Tuintje van Oma Radius wordt 50 jaar

31 may 2011

Maar heerlijk voor haar en voor opa, voor wie de drie trappen op de Weteringschans langzamerhand een dagelijkse kwelling waren geworden. In dat huis op de Weteringschans hadden ze ruim 30 jaar gewoond. Ze waren er in de crisis van de jaren dertig met hun 8 kinderen komen wonen. Ze hadden er de 2e wereldoorloog mee gemaakt en Koningin Wilhelmina gekroond zien worden. Ik herinner me nog het jaar van de kroning in 1948. Ik was toen 5 jaar. De dag voor de rijtoer door de stad- die langs ons huis op de Weteringschans zou komen- werden de buitentrappen afgezet door de gemeente. En op de avond vóór de rijtoer zaten er al mensen op de stoep op klapstoeltjes in dikke dekens gehuld om toch vooral vooraan te kunnen staan als de koningin de volgende dag langs zou komen. Wij, mijn moeder en ik en de andere familieleden, hadden de nacht heerlijk boven bij oma in het grote huis geslapen. ’s Nachts had ik af en toe uit het raam op de derde verdieping naar beneden gekeken en geluisterd naar de mensen die buiten de nacht doorbrachten. Ik weet nog dat ik me zelf een beetje een princesje voelde, toen we een half uurtje vóórdat de rijtoer langs zou komen, op onze eigen trap gingen staan en daar natuurlijk het mooiste uitzicht hadden. Maar in die dertig jaar dat Opa en Oma Radius op de Weteringschans hadden gewoond, was hun gezin natuurlijk steeds kleiner geworden. Twee van hun zoons hadden de oorlog niet overleefd en de andere kinderen waren zo langzamerhand getrouwd en over het land uitgewaaierd. Uiteindelijk woonden Opa en Oma vanaf begin jaren zestig alleen in het grote huis. Natuurljk kwamen wij kleinkinderen tijdens de middelbare school graag bij ze logeren, zo midden in de grote stad Amsterdam. Helaas kon ik er dus niet op kamers gaan wonen toen ik in 1961 ging studeren, omdat ze inmiddels het fel begeerde begane-grond woninkje in Amsterdam-oost hadden gekregen. Mijn grootvader heeft er niet lang van kunnen genieten; kort na de verhuizing in 1960 overleed hij aan een hersenbloeding. Maar Oma vond het er heerlijk, in die Röntgenstraat in de Watergraafsmeer. Het enige dat ze miste, waren haar bloemen die ze altijd op haar dakterras op de Weteringschans had gehad. Dus op een dag in de zomer van 1960, toen de mannen van de plantsoenendienst voor haar huis in het parkje aan het werk waren, riep ze ze binnen voor een kopje koffie en een stuk zelfgebakken appeltaart. Hoe ze het voor elkaar heeft gekregen, weet de familie niet, maar binnen de kortste keren hadden de mannen een rijtje tegels langs de hoek van Oma’s huis losgemaakt, aarde gestort en wat struiken geplant. Oma zelf plantte er bloeiende bloemetjes en één van de eerste illegale stadstuintjes was een feit. In de volgende jaren bakte Oma vele appeltaarten en schonk vele kopjes koffie- en haar tuintje werd op mirakuleuzerwijze steeds keurig onderhouden. Tot haar dood in 1966 zat ze tevreden op haar rieten stoel in haar eigen "tuin". 50 jaar later staat bestaat het tuintje nog steeds. Er worden nu kinderfietsjes gestald. Toch leuk, zo’n stukje stadsgeschiedenis. Marijke Rawie