REGIO |
01 februari 2012
|
1
|
Door Dewi Oudijk, dichtbijredacteur
ZAANDAM - Ik denk zeker te weten dat de eerste scheiding waar ik ooit over hoorde die van mijn tante Jans was. Een uitgelaten typische tante. Wel een leuk mens qua dollen.
Met haar uiterlijk en wat brutaal grof. Ze was altijd donkerbruin getint. Zodra de zon maar even scheen, lag tante Jans in haar tuin te zonnen. Dat was me wat, want ze lag niet in een stoel of op een zonnebed? Welnee. Zij had eerst een plaid uitgespreid en daar bovenop een laagje aluminiumpapier of zilverpapier gelegd. Iets wat wij destijds voor de blindengeleidehonden moesten verzamelen. Mijn tante Jans smeerde zich trouwens ook niet in met zonnebrandolie. Weer welnee. Zij wreef zich in met huishoudazijn.
Mijn tante Jans wist zeker dat daardoor het vet van de huid verdween en dat de zonnestralen dan gemakkelijker die geliefde bruine teint konden aanmaken. Als joch geloofde je dat allemaal. Niet iedereen trouwens. Oudere heren van rond de veertig jaar gingen bij de eerste zonnestralen al rond de met tot borsthoogte bloeiende ligusterhaag staan en spraken hun verbazing uit. Huishoudazijn en zilverpapier? Daar had men in het dorp nog nooit van gehoord, althans niet dat het zin had om het voor genoemde redenen te gebruiken.
Tante Jans was aan het einde van de eerste zonnige dag al donkerbruin. De dagen daarna kwamen nieuwsgierige mensen nog wel kijken, maar tante Jans was binnen. Want ze was bruin en aangezien mijn tante Jans begin april al bruin was, kwam ze de rest van het jaar niet meer buiten. Soms keek ze even in de spiegel om te zien of er nog azijn op moest en las dan weer door. De man waarvan ze later zou scheiden was, mijn oom Jaap. Die kon niet tegen de zon. Spierwitte man met een beetje rossig haar. Op een terrasje was het contrast zo groot dat je of de één zag ( mijn bruine tante) of de ander (mijn witte oom). Je ziet dat verschijnsel nog wel eens bij voetbalwedstrijden. Als de camera een speler volgt die vanuit de zon in de schaduw van bijvoorbeeld de tribune gaat spelen, kan je hem nauwelijks zien. Andersom zien we het tegenovergestelde gebeuren.
Wij noemden dat altijd het 'Tante Jans effect'. Later is mijn tante Jans hertrouwd met een nóg wittere man. Daar hield ze zoveel van dat ze het zilverpapier aan een collectant voor blindengeleidehonden heeft gegeven en de azijn over de sla kiepte. Spierwit hebben ze de rest van hun boeiende leven zitten lezen over zonnige landen.
derk@peeters.nl