BUSSUM - Ontdaan kijkt Nelleke Vos naar de vijver voor haar flat. Vuilniszakken vol met dode karpers werden de laatste weken afgevoerd uit de vijver in het vijverpark. Tweehonderdvijftig stuks lieten het leven door de vorst. 'Het is belachelijk dat dit moest gebeuren, terwijl ik de gemeente tijdig heb gewaarschuwd', meent ze.
Het wemelde van de karpers in de vijver, soms waren de vissen zelf 30 centimeter groot. Nelleke Vos ging er elke dag naartoe om de dieren te voeren. 'Nu komen alleen nog maar eenden op mij af, ik zie geen vis meer in het water.' De vijver was echter niet gemaakt voor de vissen. 'Wij hebben geen idee hoe de karpers ooit in de vijver zijn gekomen', vertelt een woordvoerder van de gemeente Bussum.
Tijdens de vorst liep mevrouw Vos haar dagelijkse rondje rondom de vijver. Onder het ijs zag ze de karpers naar lucht happen. 'Vooral toen er ook nog eens sneeuw op het ijs lag, was er weinig zuurstof voor de dieren', vertelt ze. De gemeente werd meteen gealarmeerd, want er moesten wakken geslagen worden. De gemeente is gekomen om een wak te maken, maar met één wak was er nog niet genoeg zuurstof voor de dieren.
'Het was overmacht, we hebben deze situatie in vijftien jaar niet meegemaakt. De gemeente heeft een wak gemaakt en heeft dus goed gehandeld', meent een woordvoerder van de gemeente Bussum. Nelleke Vos is het hier niet mee eens. 'Deze vijver is het stiefkind van de gemeente. Het is een schande dat wij als omwonenden het ijs op zouden moeten om meer wakken te maken.' Inmiddels ligt de vijver er weer rustig bij. In het water drijven nog wat flesjes en blikjes, maar van de grote karpers is geen spoor meer te bekennen.