REGIO |
30 januari 2012
|
reageer
|
Door de dichtbijredactie (Laarder Courant De Bel)
BLARICUM - Ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan organiseerde politieke partij Hart voor Blaricum een bijeenkomst in dorpshuis De Blaercom. De gesprekken stonden in het teken van de recente discussie over regionale samenwerking -dan wel fusies- en de gevolgen voor de BEL-samenwerking. Hoe wil Blaricum hiermee verder? Hoe kan Blaricum het dorpskarakter zoveel mogelijk bewaren?
Onder de vrolijke en deskundige leiding van oud- burgemeester Wim Kozijn ontstond- in een goed gevulde zaal- een levendig debat.
'De aanwezigen spraken zich duidelijk uit voor continuering van de BEL-samenwerking. Daarbij zeker open blijven staan voor gerichte regionale samenwerking met ander gemeenten in de regio. De vele reeds bestaande samenwerkingsvormen lopen goed en zijn belangrijk. Via inbreng van de portefeuillehouders participeren de gemeenten hierin. Vele gemeentelijke taken worden zodoende efficiënt ingevuld en de raden staan op afstand', aldus HvB-fractievoorzitter Carien Bölger-Schoenmakers. Als voorbeelden werden genoemd: GAD, GGD, regionale brandweer, Veiligheidsregio, Sociale Zaken en Sociale Werkvoorziening. 'Ook via het Goois Natuureservaat bestaat al sinds 1932 een hechte gemeentelijke samenwerking.'
Duidelijk is dat er belangrijke beleidsterreinen zijn waarop Hart voor Blaricum bestuurlijk directe gemeentelijke verantwoordelijkheid wil houden: tienjaarlijkse ruimtelijke bestemmingsplannen; instandhouding eigen cultureel erfgoed; groen- en natuurbeheer; bevordering van de sociale sfeer in het dorp en de dorpsdelen; zorg voor jongeren en ouderen. 'Zodoende kan een veilige leefgemeenschap blijven bestaan.'
Resolutie
Namens de aanwezige leden en gasten van Hart voor Blaricum wordt een resolutie aangeboden aan besturen van de drie BEL-gemeenten en aan de directie van de BEL-Combinatie, waarin beschreven staat dat regionale samenwerking positief wordt beoordeeld mits het behoud van het eigen karakter van Blaricum wordt gewaarborgd, effectieve controle op het beleid en uitvoering daarvan verzekerd is en de betrokkenheid van de burgers bij het openbaar bestuur gehandhaafd blijft door reële inspraak, transparantie en goede communicatie.