LOOSDRECHT - Als bestuurslid, voorzitter, penningmeester en baansecretaris heeft Jan van der Wilt (59) zich sinds 1971 hard gemaakt voor IJsclub Loosdrecht. Voor zijn inzet de afgelopen jaar kreeg hij de zilveren spelt van schaatsbond KNSB uitgereikt.
Hoe vond u het om de zilveren spelt te ontvangen?
'Van mij hoefde deze huldiging niet echt. Ik ben dan wel veertig jaar bij de club betrokken, maar eigenlijk alleen actief als het zo hard vriest dat er op de natuurijsbaan geschaatst kan worden. Dat is dus niet zo vaak. Toch, achteraf gezien, vind ik het wel heel leuk.'
Veertig jaar schaatsen in Loosdrecht. Zijn er dingen veranderd?
'Ja en nee. De besloten gezelligheid van vroeger is nog steeds op de ijsbaan 'De lange Akker' te vinden. De feestelijke verlichting in plaats van bouwlampen en de koek- en sopietent maken het geheel af. Daarentegen is het ledenaantal bijna vertiendubbeld, van 175 naar 1500 leden. Gelukkig zijn de betaalmogelijkheden voor de lidmaatschapskaartjes ook veranderd en kunnen ze betaald worden via de digitale incasso. Anders moest ik, zoals vroeger, bij iedereen langs de deur om het geld te innen.'
Hoe zit het met de kriebels als straks de vorst echt invalt?
'Ja, die komen wel. Meteen de schaatsen onder binden is een ander verhaal. Als bestuurslid van de club dien je de veiligheid van de bezoekers te waarborgen, voordat je er zelf van kan genieten. We zijn dus druk in de weer om de dikte van het ijs te controleren. Pas bij een dikte van negen centimeter doen wij de baan open voor publiek.'
Heeft u er nooit genoeg van gehad?
'Eerlijk gezegd niet. Met plezier zet ik mijzelf elke winter weer opnieuw in voor de ijsclub. Het is geen verplichting, zoals wanneer je als bestuurslid van een voetbalclub elke zaterdag wedstrijden moet organiseren. In Nederland kan er hooguit drie weken per jaar geschaatst worden. Ik ben het daarom nog lang niet zat.'