LifeStyle |
09 december 2011
|
reageer
|
Door
ruby1, dichtbij-meeschrijver
ZWANENBURG - Ruby woonde naar al haar tevredenheid in Zwanenburg. Toch besloot zij, nadat het werk van haar man daarom vroeg, te emigreren naar Australië. Het bleek een hele stap te zijn. Want het leven down under verschilt ontzettend met dat in de Haarlemmermeerpolder. In een wekelijks feuilleton deelt Ruby haar ervaringen met de dichtbij.nl-bezoeker. Vandaag deel 9: Chaos.
Vanaf het moment dat we weer terug zijn in Nederland staat alles alleen nog maar in het teken van het emigreren. Het is ook niet niks. Alles moet gestopt of omgezet worden. Wat een geregel allemaal. Af en toe weet ik niet meer waar ik mee bezig ben. Ik heb al heimwee maar ik ben nog niet eens weg.
Het dringt heel langzaam tot me door waar we eigenlijk aan beginnen. Eerst denk je emigreren! Naar de zon! Gaaf! Nu denk je emigreren! Afscheid nemen...Zwanenburg uit...alles nieuw en vreemd...oeps!
In mijn hoofd begint het langzaam een grote chaos te worden. Het is niet normaal waar je allemaal aan moet denken! Ik heb gelukkig een lijst die ik af moet werken, Gerry zijn
lijst zit in zijn hoofd, die heeft het helemaal onder controle. We hebben bedacht dat we de dieren een week eerder laten vertrekken. Er komt straks een enorme container voor de deur want we nemen alles mee. Ik kan dan onmogelijk op de katten letten die geen idee hebben van wat hun boven hun kop hangt en stel je voor dat ze net weglopen voordat we vertrekken.
Nee, ze gaan weg als alles nog redelijk normaal en rustig is. De eerste week in quarantaine moeten ze toch in hun hok blijven, ook Zara mag dan niet naar buiten. Ik denk dan, die vliegreis moet verschrikkelijk voor ze zijn, dan komen ze aan in die kennel, kruipen weg in een hoekje en kunnen een weekje rustig bijkomen.
Na die week komen wij ze dan zoveel mogelijk opzoeken. Dan duurt het nog “maar” 3 weken en mogen ze mee naar huis. Ja, zo gaan we het doen. Dan is het plotseling zo ver. We brengen de dieren met alle papieren naar een gebouw in Hoofddorp waar een norse vent de kooien aanpakt. Op zo een plek verwacht je een zachtaardige lieve persoon die nog even met je dieren tuttelt en het heel zielig voor mij vindt dat ik ze daar zomaar afgeef.
Niets is minder waar. De man lacht niet, zegt weinig, troost me niet en dan rijden we terug naar Zwanenburg met een enorm rotgevoel, als dat maar goed gaat...
Dit artikel is voor het laatst aangepast op: 09 december 2011