Het is een maand of twee geleden dat ik haar voor de eerste keer zag. Ze stond daar, voor de ruit van een etalage in een dorpje een paar kilometer van mijn woonplaats. Ze trok meteen mijn aandacht. Het was zelfs zo erg, dat ik mijn ogen niet meer van haar af kon houden. De etalage bestond niet meer, of jawel: hij bestond wel, maar alleen uit haar. Ze was anders dan alle anderen, gracieus, stijlvol, mooi en slank. Perfect? Dat weet ik wel zeker.
Twee maanden later is ze van mij. Ik zie haar elke dag. En ik denk nergens anders meer aan. Bij de eerste zonnestralen dacht ik niet aan terrasjes en dames in korte rokjes. Ik dacht aan haar, ondanks haar totaal niet zomerse voorkomen. Ze is niet lichtgebruind, maar bleek, witjes zelfs. Het maakt mij allemaal niet uit. Het is als leven op een roze wolk. Alles is leuk, alles is best. Zolang je ’s middags maar weer bij haar kan zijn. Vlinders in de buik, je kent het wel.
Toch voel ik sinds deze week een verandering. Het houden van is er nog wel, maar de verliefdheid is verdwenen. Als sneeuw voor het heerlijke lentezonnetje. De liefelijkheid is weg. Het heeft iets dwangmatigs. Het gevoel is veranderd in de aantrekkingskracht van een shot voor een junkie. Het is geen kwestie van dingen met haar willen doen, maar dingen met haar móeten doen. Het is een verslaving. Ik kan niet meer zonder.
Als een volleerde cokesnuiver word ik chagrijnig als ik niet aan mijn trekken kom. Het is mijn leven, ik doe niets liever. Op mijn werk spookt ze door mijn hoofd. Het deert me zelfs niet dat ik sinds haar komst op beide bankrekeningen in de rode cijfers sta. Het moet dan maar.
Het is het leven van een fietser. Een wielrenner. De sport als verslaving, in je vrije tijd niets anders meer kunnen. Ik was verliefd op mijn Giant TCR Limited, nu niet meer. Het is fietsen om het fietsen. Ik wil mijn benen voelen branden. De uitputtingsslag tegen je eigen lichaam. Na een paar maanden is de verliefdheid weg, maar de verslaving is gekomen. Het zij zo. Ik vind het allemaal best, zolang ik de trappers maar kan laten draaien.
Leander Mascini