REGIO |
07 februari 2012
|
reageer
|
Door
boswachter, dichtbij-meeschrijver
BERGEN NH - De hele winter door is hij te zien in onze tuin, het park of in het bos. Een klein vogeltje van nog geen twintig gram. Een dun snaveltje, oranjerode borst, grijze buik, dunne pootjes en zwarte kraaloogjes. We zien het welbekende Roodborstje.
Eigenlijk wel een gekke naam voor een vogel met een oranje borst. Maar het klinkt gewoon beter als “oranjeborst’. De Engelse naam “Robin”klinkt nog mooier.
De vogels die we in de winter in de tuin zien zijn exemplaren uit het noorden van Europa. Zij overwinteren hier, en “onze”vogels overwinteren voor een deel in het warmere Spanje. Ze zoeken graag de tuinen op omdat onze thuisblijvers in het bos zitten en dat agressief verdedigen tegen indringers.
Je zult dan ook nooit twee vogels op èèn vetbol zien. Zowel mannen onderling als man en vrouw of vrouw vrouw bevechten elkaar. Als je in de tuin aan het klussen bent houden ze je goed in de gaten. Altijd op zoek naar insecten, wormen, bessen of zaadjes die er te vinden zijn. Het zijn echte omnivoren, ze eten van alles. Man en vrouw zien er het zelfde uit en zingen ook alle twee.
Ze beginnen al in februari te zingen, van vroeg in de morgen tot het donker wordt. Een hoog, schril geluid,wat op een piepend wieltje lijkt, afgesloten door een serie’tik”geluiden. Ze broeden in spleten, gaten, heggen, soms in een nestkast….waar eigenlijk niet.
Mevrouw roodborst bouwt een nestje van bladeren en gras, bekleed met haar. Hierin legt zij een stuk of vijf eitjes, wit met roestbruine vlekken. Meestal twee keer per seizoen en beide ouders verzorgen de pulletjes.
De roodborsten jagen meestal vanaf een uitkijkpost. Daarom zijn ze vaak zo opvallend te zien. Op vetbollen, strengen pinda`s en voederplanken zijn het graag geziene gasten, die het leven in de tuin opvrolijken.
Ben Hopman, boswachter.
Dit artikel is voor het laatst aangepast op: 07 februari 2012