REGIO |
14 december 2011
|
1
|
Door de dichtbijredactie (Alkmaars Weekblad)
ALKMAAR - Op 4 maart aanstaande is het 69 jaar geleden dat de joodse gemeenschap voor het laatst in de synagoge aan de Hofstraat bijeenkwam. De dag daarvoor hoorden ze dat ze twee dagen later Alkmaar moesten verlaten. Het zou tot vrijdag 16 december 2011 - morgen dus - duren alvorens er weer een echte sjoeldienst in de synagoge kon worden gehouden.
Door Bob de Mon Na jaren van inspanning komt er aanstaande vrijdag een einde aan de (joodse) stilte in de synagoge. Dan gaat rabbijn Menachem Evers voor in een toch wel historische Sjabbat Dienst. Daarna viert de joodse gemeenschap terecht feest tot en met 20 december. Wie wil zien hoe fraai de synagoge er nu, na bijna 70 jaar weer bijstaat, is op maandag 19 december van 12.00 tot 17.00 uur van harte welkom. Ondertussen kijken we (beknopt) terug op de veelbewogen geschiedenis van de joodse gemeenschap in Alkmaar.
De Mosterdpot
Op 10 mei 1604 krijgt Ha-levi toestemming om in Alkmaar te wonen (niet iedere stad liet destijds joden toe). Spoedig zouden andere joodse families hem volgen. Er ontstaan aanvankelijk zogeheten huissynagogen. In het jaar 1792 krijgt de joodse gemeenschap, welgeteld bestaande uit 17 gezinnen, van de gemeente Alkmaar de beschikking over een vast onderkomen op de Laat. Men lost wekelijks vier gulden op de koopsom af. De rijkste families betalen 8 stuivers en 6 penningen per week, de arme families 2 stuivers per week. Tien jaar later op 4 juni 1802 koopt de joodse gemeente voor de somma van vierhonderd gulden een pand aan de Hofstraat. Tot 1612 was dit pand eigendom van Cornelis Drebbel en droeg het de naam De Mosterdpot. In dit pand zou men tot begin maart 1942 de sjoeldiensten houden.
Het pand werd verscheidene keren verbouwd. In 1826 was de eerste grote verbouwing. Er kwam onder meer een nieuwe gevel en een trap die naar de aparte bovengalerij voor vrouwen voerde. In 1844 werd er opnieuw verbouwd en kwam er achter de synagoge een joodse school, waarin ook in het Hebreeuws werd onderwe-zen.
Het markante radvenster met de Davidster in de voorgevel stamt uit 1883. Aan de oostzijde, richting van het beloofde land, kwam een uitbouw, de zogeheten aron, voor de wetsrollen. Midden in de synagoge komt de bima, de lessenaar waarop de Torahrollen tijdens het voorlezen worden neergelegd. In 1932 wordt, om het regenwater beter te kunnen opvangen, het dak afgeplat. Het rituele bad, de mikwe, kan voortaan worden gevuld met van oorsprong stromend water.
Triest einde
Een jaar later viert men het 125-jarig bestaan van de synagoge. Het is een sober feest vanwege het lot van de Duitse joden. Negen jaar later zou het noodlot ook in Alkmaar toeslaan. Op 3 maart 1942 lieten de nazi's weten dat alle joden de volgende dag Alkmaar moesten verlaten. Op de avond van die vierde maart kwamen de joden nog een keer in hun synagoge aan de Hofstraat bijeen. Niet om te bidden, maar om aanwijzingen voor hun evacuatie aan te horen. De volgende dag moesten ze zelf een treinkaartje voor hun deportatie kopen. Er kwam een triest einde aan ruim drie eeuwen joodse geschiedenis in Alkmaar.
Noodkacheltjes
Door gebrek aan brandstof sloopten de Alkmaarders in de oorlog al het hout uit de synagoge. Alles werd opgestookt in hun noodkacheltjes. Toen Levie Trijbetz na de oorlog de synagoge in ere wilde herstellen, waren de weinige joden die de oorlog overleefden daar financieel niet toe in staat. Het pand deed tot 1952 dienst als opslagplaats.Daarna vestigde de baptistengemeenschap zich er.
De op 2 juli 1997 opgerichte Stichting Alkmaarse Synagoge wilde het pand weer als synagoge inrichten en begon met het inzamelen van geld en met het overleg tot eerherstel. Vorig jaar kwam het gebouw (overigens niet zonder slag of stoot) vrij en zo heeft Alkmaar na 69 jaar weer een echte synagoge.