SPORT |
05 augustus 2012
|
reageer
|
Door
Uhro van der Pluijm, dichtbijredacteur
PSV maakte zondag tijdens de jaarlijkse opening van het seizoen direct duidelijk dat het volgend jaar het eeuwfeest van de club graag met de landstitel wil opvrolijken. De bekerwinnaar uit Eindhoven was tijdens een ongelijke strijd om de Johan Cruijff Schaal beduidend sterker dan landskampioen Ajax: 4-2.
Waar PSV klaar lijkt voor de nieuwe voetbaljaargang, wacht de technische leiding van Ajax een week voor de eerste competitiewedstrijd tegen AZ nog veel werk. Als excuus voor het toch wel grote krachtsverschil met PSV mocht de kampioen dit keer nog de afwezigheid van Derk Boerrigter, Miralem Sulejmani, Christian Eriksen, Gregory van der Wiel en Nicolai Boilesen opvoeren.
De ouverture van het seizoen onder het gesloten dak van de Arena maakte echter ook duidelijk dat Ajax er verstandig aan doet snel een ervaren opvolger voor de vertrokken aanvoerder Jan Vertonghen aan te trekken. Daley Blind, schuldig aan de tweede treffer van PSV, liet onbedoeld zien dat hij nog niet te kwaliteiten heeft om die vacature goed in te vullen.
Het PSV van de teruggekeerde aanvoerder Mark van Bommel maakte een volwassen en degelijke indruk. Met aanwinst Luciano Narsingh op de rechterflank en Jeremain Lens in het centrum van de aanval zette de formatie uit Brabant de hoofdbewoner van de ArenA snel onder druk. Al na 3 minuten kopte Ola Toivonen raak (1-0). Lens zorgde 8 minuten later voor 2-0, nadat op de avond van de olympische sprintfinale was gebleken dat hij veel sneller was dan Blind.
Ajax was met het Deense talent Viktor Fischer en Aras Özbiliz ongevaarlijk via de flanken. Zo kon het gebeuren dat Toby Alderweireld, verdediger van beroep, in de eerste helft voor het meeste gevaar zorgde. Van Bommel, staande op de doellijn, voorkwam in de 10e minuut nog een treffer van de Belg. Alderweireld had vlak voor rust na een hoekschop van Theo Janssen wel succes: 2-1.
Het kwam Ajax niet slecht uit dat PSV het na de tweede treffer van Toivonen na 53 minuten (3-1) wel geloofde. Met dank aan een eigen doelpunt van Marcelo werd het na 75 minuten zelfs nog 3-2, maar invaller Georginio Wijnaldum drukte het krachtsverschil in blessuretijd beter uit: 4-2.
(ANP/Dichtbij)