LAGE VUURSCHE - De houten luiken van 't Hutje in Lage Vuursche zitten potdicht. Toch is het een komen en gaan van mensen. "Och, is Ome Jan dood? Nee toch!", zegt een dame verschrikt. Ze wilde met fietsvrienden koffie drinken op het zonovergoten terras dat uitkijkt over dagrecreatieterrein Drakenstein. "Zo'n aardige man. Kom hier dikwijls met mijn kleinkinderen."
Een enkeling leest de kaart in de bos narcissen op een tafeltje: 'Lieve Jan, rust zacht. We zullen je heel erg missen'. Jan Scholten, vroeger scheepskok, was geliefd. "Dit was mijn tweede thuis. Jan was hartverwarmend, eerlijk en recht voor z'n raap. Ik hield van hem", verzucht Utrechter Bart Versteegen. "Ik wist dat hij lichamelijk een wrak was", zegt Utrechter Wout Weldem. "Hij slikte een schoenendoos vol medicijnen, maar klaagde never."
Scholten was ook een soort opzichter van het terrein, om de hoek bij kasteel Drakensteyn van koningin Beatrix. Als mensen na een picknick of barbecue de rotzooi wilde achterlaten stapte hij erop af: 'Opruimen die troep!' In een interview in 2006 met deze krant zei Scholten dat hij tot zijn dood 't Hutje wilde bestieren. Op vakantie ging hij nooit. "Dit is de hemel op aarde", zei hij. "Als ik 's morgens begin, ligt er dauw op het veld, hoor ik vogels en zie ik hertjes. Wat wil een mens nog meer?"