LOKAAL - In hoeverre wordt iemands identiteit in imago bepaald door iets toevalligs als een achternaam? Die vraag staat centraal in een nieuwe tentoonstelling in het prentenkabinet van het Joods Historisch Museum, 'Mijn naam is Cohen'.
Fotograaf Daniel Cohen en journalist Mischa Cohen (geen familie van elkaar) maakten samen een tentoonstelling over mensen die de achternaam Cohen dragen. Mischa: 'Daniel en ik kenden elkaar niet, maar hij wist me gelijk enthousiast te maken om dit samen te gaan doen. Het concept is briljant in zijn eenvoud. Het is zelfs zo voor de hand liggend dat ik me afvroeg waarom dit niet eerder was bedacht.'
De tentoonstelling laat portretten zien van vijfentwintig Amsterdammers wiens enige overeenkomst is dat ze Cohen als achternaam dragen. Er worden geen sociologische theorieën losgelaten, maar de geïnterviewden vertellen hun persoonlijke ervaringen met hun achternaam.
Daniel: 'Veel van de geportretteerden hebben ooit de vraag gekregen of ze familie zijn van de oud-burgemeester. Of er wordt ze gevraagd of ze ook van die theedrinkers zijn. Maar je maakt ook minder aangename dingen mee. Toen ik zeventien was had ik een vriend die gabber werd. Van de ene op de andere dag wilde hij mij niet meer kennen.'
Onder de geportretteerden zijn onder andere acteur Horace Cohen, Jaap Cohen (zoon van), de vijfjarige Sem en het echtpaar Harry (91) en Sieny (87) Cohen. Hun achternaam is eigenlijk het enige gemeenschappelijke, er zijn voornamelijk verschillen tussen de geïnterviewden. Ze zijn man, vrouw, orthodox, agnost, pro-Palestijns, Israëlisch, joods, niet-joods, eerste, tweede en derde generatie.
Een aantal geeft aan dat ze zich ongemakkelijk voelt met hun achternaam: 'Na 9/11 haalde ik mijn naambordje weg' vertelt David Cohen. Thea Cohen gaf aan te 'onderduiken' in de naam van haar echtgenoot. 'Vooral niet opvallen was het devies'. Maar Lois, die het 'gezicht' van de tentoonstelling is geworden, vindt het juist 'kut' dat ze eigenlijk Coen heet, in plaats van Cohen'. 'Ooit koop ik die 'h' er weer bij', zegt de 21-jarige.
Bezoekers worden aan het einde van de tentoonstelling uitgenodigd om over hun eigen achternaam na te denken. Verhalen kunnen ze kwijt op briefjes, die aan de muur kunnen worden gehangen. Bij de tentoonstelling hoort een boek, waarvan Arnon Grunberg het voorwoord heeft geschreven. Het boek is gefinancierd door middel van crowdfunding door 61 donateurs. De tentoonstelling 'Mijn naam is Cohen' is nog te bezichtigen tot en met 11 maart 2012. Meer informatie is te vinden op www.mijnnaamiscohen.nl.