AMSTERDAM - In Amerika is het heel gewoon, maar in Nederland is men er nog een beetje huiverig voor: een relatietraining volgen. ‘Oh nee, mijn partner en ik hebben een uitstékende relatie!’ Maar zo’n training kan heel zinnig zijn.
Her-ontdek je partner, voordat een ander het doet.
Uit VROUW.(telegraaf).
Een beetje hypocriet is het wel; iedereen vindt het de normaalste zaak van de wereld om een training te volgen om beter te worden in het werk. Ook opvoedingstrainingen raken steeds meer geaccepteerd. Maar wie een training wil volgen voor de relatie krijgt nerveuze blikken toegeworpen. Terwijl iedereen het erover eens is dat een relatie ‘hard werken’ is en dat een goede verstandhouding niet vanzelfsprekend is. Een relatie onderhouden moet je leren. Desondanks heerst er een taboe op het volgen van een relatietraining om de eigen ‘relatievaardigheden’ te verbeteren. Alsof er dan iets mis moet zijn tussen beiden. Terwijl de training er ook op is gericht om te voorkomen dat er iets mis gáát.
Heel eerlijk gezegd: dat was ook een beetje mijn angst. Ik zag mezelf al zitten, tussen de klankschalen en wierook om de chakra van mijn man en van mij weer in balans te krijgen. Not my cup of tea. Echt grote problemen waren er ook niet, geen grote in ieder geval. Oké, er miste een beetje spanning. Maar wat wil je, als je al tien jaar samen bent en inmiddels een gezin hebt? Is normaal toch?
Bemoedigen
“Maar een relatietraining is er ook op gericht om dat spannende gevoel van de eerste verliefdheid weer terug te halen. Die periode dat je helemaal geen kritiekpunten zag van je partner”, zegt trainer Catharina Haverkamp (52). Catharina is een voormalig actrice - bekend van onder meer Mijn dochter en ik - en werkt tegenwoordig als Encouraging-trainer. Encouraging wil zoveel zeggen als ‘bemoedigen’. “De basis is dat je een optimistische, positieve houding aanneemt naar jezelf, naar anderen en naar het leven in het algemeen. Niet focussen op het negatieve, want dan heb je zo een hele waslijst. Maar juist benoemen wat er goed en positief is om daar verder op door te bouwen. Het uitgangspunt hierbij is: wat kan ík doen om de relatie te verbeteren? Dus niet wachten tot die ander verandert, maar beginnen bij jezelf en je eigen positieve bijdrage.”
Klinkt logisch. Maar..als ik me dooderger aan de sokken die manlief iedere avond onder het bed schopt, dan moet ik zeggen dat ik zijn souplesse in het sokschoppen zo bewonder? En dat ik dat graag van hem wil leren en word ik dan weer zo verliefd op hem als vroeger? En hoe zit het dan met stellen die gaandeweg langs elkaar heen zijn gaan leven? Gaan die elkaar weer vinden door te zeggen wat ze zo goed vinden van elkaar? Twijfel. Twijfel.
Rode konen
De introductieles van de training, Waar wacht je nog op? genaamd, begint met een voorstelrondje waarin iedereen vertelt wat de reden is van deelname. Zo vertelt een deelneemster dat ze soms het gevoel heeft dat ‘de deksel niet goed op het potje is gedraaid’ waardoor de relatie stroef verloopt. Een ander heeft juist het idee dat zij en haar partner ieder een eigen weg inslaan en dat wil ze graag veranderen. Er is ook een stel dat het gewoon een leuke ervaring leek en dan ben ik er nog. Ik stamel wat over elkaar lang kennen en dat ik er ook zit ‘namens vriendinnen’ die deze avond niet konden komen. Jaja.
Direct daarna moeten we een ontspanningsoefening doen met de ogen dicht. Och nee hè, niet alsnog klankschalen? Maar het blijkt mee te vallen; het zijn ontspanningsoefeningen die ook door de fysiotherapeut worden gebruikt. De spieren ontspannen, ademhaling tot rust brengen, leren loslaten. Dat werk. En daarna begint een heel praktische oefening: in een groepje bespreken wat je in het begin van de relatie hebt gedaan om de partner voor je te winnen. Ik krijg meteen rode konen, want ik weet het wel: een lekkere rijsttafel voor hem maken. Toen we elkaar net kenden, heb ik één keer uitgebreid Indonesisch voor hem gekookt en daarna nooit meer. Wat nog wel eens tot smalende opmerkingen heeft geleid over hoe ik hem daarmee ‘bedot’ heb. Maar er zijn natuurlijk meer dingen: lieve kaartjes schrijven, goed luisteren, cadeautjes geven, klusjes uit handen nemen. Het groepje heeft al snel een lange lijst samengesteld van dingen die vroeger heel gewoon waren, maar er nu regelmatig bij in schieten. Catharina vraagt iedereen twee punten uit de lijst te pikken om de komende week mee aan de slag te gaan. Ik neem mezelf voor om morgen naar de toko te gaan voor rijst, trassi en djinten.
Lastig
Bij de volgende oefening moeten we benoemen we wat goed, leuk of mooi vinden aan onze partner. En ook wat we goed vinden aan onszelf als partner. Ieder mens heeft de neiging om de nadruk te leggen op negatieve dingen, vertelt Catharina. “Pas als iets níet goed is, komen we in actie. Maar als je het omdraait en in actie komt voor positieve zaken, dan kan het goede groeien en bloeien. Automatisch heeft het negatieve dan minder ruimte en ook minder belangrijk”
Mooi gezegd, maar nog verdomd lastig in de praktijk. Mijn buurvrouw moet heel lang nadenken om iets positiefs over haar man te zeggen. ‘Ik vind soms helemaal niks goed aan hem!’ Ook over haar eigen rol zit ze langdurig te peinzen. En ze is niet de enige, want ik vind nogal intiem om aan wildvreemden uit de doeken te doen wat ik leuk vind aan mijn man en aan mezelf. Catharina snapt dat wel. “Maar je zult zien dat als je er een gewoonte van maakt om dagelijks te benoemen wat er goed is, dat het vanzelf gemakkelijker gaat. En dat je er ook positieve en bemoedigende woorden voor terugkrijgt. Ga er maar eens mee aan de slag thuis.”
En, toegegeven, nu ik regelmatig complimenten maak tegen manlief krijg ik inderdaad ook lieve opmerkingen terug. De sfeer wordt zachter en aangenamer. Kritiekpunten lijken minder belangrijk. Ook voelt het fijn om gewoon eens iets voor een ander te doen, zoals dat in het begin van onze relatie heel gewoon was. Toch vraagt het ook om discipline, want mijn goede voornemen over de rijsttafel heb ik nog niet waargemaakt. Maar ja, zijn vuile sokken liggen ook nog steeds onder het bed...
‘Ik blijf niet meer hangen in het negatieve’
Nadine Poortwachter (42) heeft reeds een hele training van acht lessen afgerond en is verrast én blij over het effect. “Toen ik aan de relatietraining begon, ging het niet goed met mij. Ik had een burnout door mijn werk en mijn relatie kende veel spanningen. Hoewel ik onder behandeling was bij een psycholoog voor mijn burnout voelde ik ook de behoefte om nog iets te doen aan mijn problemen in de relatie. Mijn man zag het niet zo zitten maar ik ging toch. En het hielp enorm. Niet in de laatste plaats omdat ik zag dat er andere mensen waren die hetzelfde probleem hadden. Maar ook omdat ik heb geleerd om negatieve gevoelens om te buigen naar positieve. Ik realiseerde me dat ik mijn man de moeite waard vond om bij te blijven. De consequentie was dat ik dan wel van mijn negatieve gevoelens af moest. de cursus gaf me gelegenheid om te oefenen en het werkte. Door bemoediging toe te passen werd de sfeer leuker. Minder gespannen. Mijn man zag hoe zeer ik mijn best deed, dus de spanningen tussen ons ebden ook weg. Ik voel me veel prettiger dan voorheen. En mijn man zegt nog zo vaak dat hij zo blij is hoe ik ben veranderd. Ik blijf nu niet meer hangen in het negatieve. Ik kan mezelf zelfs aansporen tot iets positiefs.”
Bemoedigingstrainingen
Catharina Haverkamp is officieel Encouraging-trainer. Encouraging is gebaseerd op de Individualpsychologie van Alfred Adler en gaat uit van de kracht van bemoediging. Wie een ander bemoedigt, krijgt daar weer moed en bemoediging voor terug. Dit kan betrekking hebben op de partner, maar ook op de collega of het kind. Catharina geeft dan ook niet alleen bemoedigende relatietrainingen, maar ook trainingen voor ouders en opvoeders en trainingen voor persoonlijke ontwikkeling.
Een training volgen? Kijk op www.meermoedmeermens.nl voor meer informatie.
Of lees het boekje Waar wacht je nog op? van Theo Schoenaker. ISBN 978-90-76907-03-1