SPORT |
18 januari 2012
|
reageer
|
Door de dichtbijredactie (Witte Weekblad)
DE KWAKEL - Zes speelavonden zitten erop in de laddercompetitie van de BVK en daarmee zijn ze halverwege.
Een aardig ijkpunt voor de krachtsverhoudingen en voor de cijferfetisjisten onder ons heeft de heer Verhoef eens de cijfertjes van de totaalranglijst onder de loep genomen en dat gaf wat aardige, zij het overigens volkomen nutteloze informatie, die 'echter wel weer voor wat bladvulling zorgt'. Waarvan akte.
Eerst maar de uitslagen in de diverse lijnen.
In de A-lijn wisten Geke en Jaap Ludwig weer eens de 1e plaats te veroveren met 59,82%. Een sterke 2e plaats was er voor Hennie en Jan van er Knaap met 59,52% en de 3e was voor Hans Wagenvoort en Nel Bakker met 57,44%.
De B-lijn werd aangevoerd door Bep Verleun en Ria van Zuylen met 61,46%. Tiny en Adriaan Kooyman werden met 57,29% overtuigend 2e en op plaats 3 deden Jose Moller en Yvonne Koestal van zich spreken met 56,94%.
In de C-lijn na vijf weken rommelen in de marge eindelijk eens een vermeldenswaardige score voor Jaap en Elly van Nieuwkoop en dan meteen ook maar goed. Hun score van 67,86% was met afstand de hoogste van de avond en de rest van het veld kon slechts deemoedig het hoofd buigen voor zoveel geweld.
Desondanks waren er toch ook keurige scores voor de nummers 2 en 3: de paren Huub Kamp-Cor Hendrix met 58,33% en An van der Poel-Ans Nieuwendijk met 58%.
Belangrijker dan de scores in deze lijn was de terugkeer na langdurige afwezigheid van de dames Paula Kniep, Corrie Bleekemolen en Helen Conijn. Dat zij nog geen bridgepotten konden breken was niet zo boeiend, zij waren weer van de partij en dat deed zowel henzelf als de andere leden goed.
Aan de kop van de totaalstand veranderde niet veel, al werd de afstand tussen de koplopers (Wim en Rita Ritzen) en de runners up Dick Elenbaas en Andre Verhoef wel weer wat groter door een mindere avond van laatstgenoemden. 3,02% gemiddeld is nu de voorsprong van de koplopers.
De hierboven al aangekondigde nadere blik op de ranglijst leerde o.a. het volgende: de allerhoogste score in zes avonden werd op de eerste avond genoteerd en wel door Wim en Rita met 72,92%. Uiteraard was er ook een allerlaagste score en die bedroeg 31,25%.
Twee paren benaderden de gemiddelde score van 50% het dichtst en wel Elly en Jaap van Nieuwkoop (50,06%) en Piet v.d. Poel met Gerard de Kuyer (49,94%). Slechts twee paren scoorden geen enkele keer lager dan 50% en dat waren Wim en Rita, maar ook Anneke Karlas en Jaap Verhoef. Bij Wim en Rita was echter het verschil tussen de hoogste en de laagste score 21,4%, bij Anneke en Jaap was dit slechts 11,81% en exact datzelfde geringe verschil noteerden Nel Bakker en Hans Wagenvoort.
Dat was echter niet het kleinste verschil in scores, want als meest constante paar kwamen Ineke Hilliard en Huib van Geffen uit de bus met een hoogste score van 53,86% en een laagste score van 48,26%, een verschil dus van slecht 5,6%. 2 van de 6 avonden scoorden zij exact 50%. Wim Maarschalk en Henk Poll werden in die denkbeeldige categorie 2e met een verschil tussen hoog en laag van 6,29% (53,47% om 46,18%). Beide paren vinden we op de ranglijst ook direkt na elkaar terug en wel op de plaatsen 18 en 19.
Uiteraard zijn er ook paren met juist grote uitschieters tussen hoog en laag en de 'toppers' in die categorie waren Piet-Hein Backers en Huub Kamp. Die vinden we uitgerekend terug op de plaats pal onder de meest constant scorende paren en dus op plek 20. Hun topscore bedroeg 60,42% (op de 1e speelavond) en hun laagste score was 32,29% (en dat was op de 2e avond!.) Ruim 28% verschil dus. Een eervolle (hoewel?) 2e plaats was hier weggelegd voor Loes Schijf en Ria Broers die ruim 26% verschil hadden tussen hun top en hun flop.
Genoeg cijfers, we gaan nu weer over tot 2 series 'paren'.