REGIO |
23 februari 2012
|
reageer
|
Door de dichtbijredactie (Witte Weekblad)
UITHOORN - <><>Voetballen is niets voor hem. Hij zat ooit op schaatsen en tennis, maar dat vond hij saai. De dynamische sport kanopolo daarentegen is zijn lust en zijn leven. Tim Schrama speelt in het eerste kanopoloteam van roei- en kanovereniging Michiel de Ruyter.
Vorige kandidaat Yvon Molenkamp vraagt zich af hoe hij zo enthousiast blijft.
,,Het kost energie, maar ik haal er ook weer energie uit. Vier keer per week train ik met het eerste kanopoloteam. Twee keer daarvan is conditietraining en twee keer krachttraining. Op woensdagavond train ik twee jeugdteams. Zo'n vijftien keer per jaar vinden er toernooien plaats, dan ben ik een heel weekend weg. Slechts vijf daarvan zijn in Nederland, de rest in het buitenland. Maar als ik net over de grens naar Duitsland ga, is dat dichterbij dan Groningen. Het kanopolo is in Nederland niet zo'n bekende sport. Toch doet Nederland het goed op internationaal niveau. Michiel de Ruyter heeft vijf kanopoloteams. Het eerste team staat op de tweede plaats van Nederland. Dit jaar gaan we voor het kampioenschap."
Vertel eens iets over de spelregels.
,,Een wedstrijd duurt twee keer tien minuten. Dat lijkt kort, maar het kost veel krachtsinspanning. Er wordt gespeeld met vijf spelers tegen vijf. Het doel hangt in de lucht en de keeper speelt zelf mee. Ik lig meestal als laatste man. Ik kan goed van afstand scoren.
Het is een lekker fysieke sport. Je mag iemand omduwen als hij de bal heeft en over elkaar heen varen. Het lijkt op rugby. Het is heel spectaculair om te zien. Je mag niet alles, bijvoorbeeld niet zomaar iemand met je peddel slaan, daarom zijn er twee scheidsrechters. Ik heb nog nooit meegemaakt dat iemand ernstig gewond geraakt is. En ik speel toch ruim honderd wedstrijden per jaar. Een schouder uit de kom, dat komt wel voor. We zijn goed beschermd. We dragen een helm en een zwemvest, niet omdat we bang zijn dat we verdrinken, maar om te incasseren."
Jij hebt het jeugdteam opgericht?
,,Toen ik tien jaar was, ging ik voor het eerst langs bij de vereniging, maar toen vonden ze me te jong. Ik kreeg te horen dat ik nog wat meer spek en bonen moest eten. In 2000 ben ik lid geworden van Michiel de Ruyter. Drie jaar later ben ik gaan kanopoloën. Er was toen maar één team. Eind 2010 keek ik eens rond en dacht: de laatste die erbij gekomen is, zit er ook al weer wat jaartjes bij. Als we een topclub in Nederland willen zijn, moeten we ook een goede doorstroom hebben. Ik zat al in de jeugdcommissie. De vereniging bestaat uit roeiers en kanoërs. Voor beide jeugdgroepen organiseren we maandelijks een leuke activiteit, zoals een film kijken. Dus ik kende al veel jeugd. Het leek me goed om een jeugdteam op te starten. Voorheen moesten ze eerst de techniek leren, maar de meesten haakten na een tijdje af. Nu doen we het tegelijkertijd. Het is een heel enthousiaste, gezellige groep. Het zijn echt vrienden geworden. Dat zie ik bij mijn eigen team ook. Je traint veel samen en gaat regelmatig weekenden met elkaar kamperen. Toen een teamgenoot in Madrid meedeed aan de Europees kampioenschappen gingen er dertig supporters mee."
Werk je of zit je nog op school?
,,Ik ben aan het afstuderen aan de School voor Journalistiek in Utrecht. Ik loop nu stage bij RTV Utrecht. Het is niet meer zo dat journalisten met een cameraman en geluidsman binnen komen. Tegenwoordig is het alleen nog de journalist met een camera. Als je in je eentje komt, dan kun je dichter bij de mensen komen. Ik heb deze week gewerkt aan een serie over chef-koks van buitenlandse restaurants, die hun lievelingsgerecht mochten bereiden. Een kok maakte het lievelingsgerecht van zijn dochter en zo hoor je toch de persoonlijke verhalen. Het is grappig om zo allround te zijn. Je moet op de scherpte letten of de camera waterpas staat, maar ook interviewen. Toch vind ik het te omslachtig. Ik heb ook stage gelopen bij het Haarlems dagblad. Lekker met een kladblokje op stap. Ik heb meer talent voor schrijven. Ik vind alles interessant, maar het liefst hoor ik dingen waar ik nog niets van af weet, dat is uitdagender voor mij. Human interest vind ik interessanter dan keihard nieuws brengen of even een quote halen. Ik zou graag bij een krant of tijdschrift willen werken waar ik lange verhalen mag schrijven, zoals een reportage van drie dagen. Maar ik heb geen bepaalde baan in mijn hoofd. In deze tijd kan ik niet te kritisch zijn. Ik lees zelf graag de Telegraaf. Op de School voor Journalistiek is dat een vloekwoord. Maar als ik net wakker word, hoef ik niet te lezen over een dichtbundel die toch niemand koopt."
Je schrijft ook voor het Witte Weekblad?
,,Twee jaar geleden ben ik bij het Witte Weekblad begonnen. Nu ik vijf dagen stage loop, doe ik wat minder, maar ik wil het wel blijven doen. Je komt op plekken wat je normaal niet zou komen. Dat is de charme. Ik sta nog niet bekend als de dorpsjournalist, maar mensen zeggen wel dat ze mijn stukje hebben gelezen. Het leukste vond ik het uitgebreide interview met burgemeester Oudshoorn."
Wie wil je als volgende kandidaat uitnodigen?
,,Hans Janssen. Hij doet veel voor de kanopolo. Hij is de schoonvader van een teamgenoot. In het voorjaar kookt hij om de week voor ons, zodat we met z'n allen op de club kunnen eten. Hij kan goed koken. Het was vaak een driegangen menu. Ik wil hem vragen waar zijn passie voor koken vandaan komt."