REGIO |
02 februari 2012
|
reageer
|
Door de dichtbijredactie, Truus Oudendijk (Witte Weekblad)
AALSMEER - Marjanne Maarse is een leuke spontane meid; een warme persoonlijkheid met een aanstekelijke lach. Ambitieus ook; pas 23 jaar en al vijf en een half jaar studie geneeskunde achter de rug. Samen met haar zus, die dezelfde studie volgt, woont zij in Amsterdam.
Heel veel tijd wordt echter ook in Aalsmeer doorgebracht omdat Marjanne zich intensief bezighoudt met het organiseren en leiden van de Binding kampen. Toen ze nog op de middelbare school zat, heeft ze veel opgepast op de kinderen van Marcel Groeneveld, met wie we vorige week spraken. Marcel is heel benieuwd hoe ze het groepsgevoel tijdens kampweken weet te handhaven, gezien het feit dat Aalsmeer steeds meer uitbreidt en er kinderen meegaan die geen binding hebben met de Doopsgezinde Kerk.
TRUUS OUDENDIJK Marjanne: ,,Dat speelt al langer. Sinds de Binding een open jongerenorganisatie is geworden, gaan er steeds meer jongeren mee op kamp die geen Doopsgezinde achtergrond hebben. Ik vind het moeilijk om te zeggen of dat van invloed is op het ontstaan van het groepsgevoel. Elke zomer zijn er zeven kampen en het zijn echt leeftijdsgroepen die daar aan mee doen. Het begint bij elf jaar en het laatste kamp is op je zeventiende. Op de meeste basisscholen worden flyers uitgedeeld en het zijn ook vaak groepen uit klassen die meegaan. Vanaf de eerste keer dat je met een kamp meegaat zijn er meestal wel een paar kinderen in de groep die elkaar kennen. Het is soms moeilijk als je een groot aantal kinderen uit één schoolklas hebt. Die vormen vaak een hecht groepje en het kost dan juist veel moeite om die met de anderen te mengen. Alle activiteiten in het kamp doe je met elkaar, het is nooit zo dat een deel wat anders gaat doen; altijd alles met zijn allen. Dat is een van de belangrijkste voorwaarden om het groepsgevoel te krijgen. Ieder jaar hebben we een kampthema, voor elke groep hetzelfde, het wordt op de leeftijdsgroep aangepast. Naarmate de groepen ouder worden proberen we ook steeds meer inhoudelijk een aantal avonden volgens het thema in te vullen. Dat doe je dan soms wel in kleine groepjes, maar daarbij zie je saamhorigheid ontstaan."
Waarom ben je dit gaan doen?
,,Ik ben als kind negen keer op kamp geweest; we hadden een geweldige groep en het was zo leuk. Een heel groot deel van mijn vriendengroep heb ik daar leren kennen. Het heeft ook voor een belangrijk deel er toe bijgedragen hoe ik mij als jongere gevormd heb. Toen mijn eigen kampen afgelopen waren, wilde ik nog steeds graag mee en heb ik mij opgegeven als leiding. Ik ben vier jaar mee geweest naar Almen, de tentenkampen voor de jongste groepen en daarna gevraagd om hoofdleiding te worden. Dat doe ik nu samen met Peter van Leeuwen. Het is niet alleen al jaren heel leuk, het heeft ook heel veel toegevoegd aan mijn ontwikkeling. Dat wil ik jongeren van nu ook graag meegeven."
Wat is er anders aan je rol als hoofdleiding in vergelijking met 'gewone' leiding?
,,Je bent eindverantwoordelijk, dus als er dingen misgaan, ben jij degene die de beslissingen neemt en de gang van zaken bepaalt. En je bent ook, heel praktisch, degene die de knoop doorhakt als het programma gewisseld moet worden vanwege weersomstandigheden bijvoorbeeld. Je hebt een soort overview wat betreft het hele kamp. En het kost ook wat meer tijd aan voorbereidingen, hoewel dat ook een kwestie van goed delegeren is."
Je bent nu al bezig met de voorbereidingen?
,,Ik zit ook in de kampcommissie, die elk jaar de locaties en het vervoer regelt en ook het thema bepaalt. Echt de praktische zaken voor ieder kamp regelen. Dat speelt het hele jaar door. We zijn nu bezig met het samenstellen van alle leidingteams. Aan het begin van het seizoen hebben we met alle kampleiding een trainingsdag. Dan wordt ook het thema bekend gemaakt en daar wordt vervolgens weer een workshop over gehouden. Veel oudgedienden van de kampen, die al tientallen jaren meedoen zijn er inmiddels mee gestopt. Er is op het ogenblik heel veel nieuwe jonge leiding en daarom is het belangrijk dat wij goed voorbereid zijn. Maar dat maakt het alleen maar leuker."
Lukt het ook qua tijd in verband met je studie?
,,Die heb ik bijna afgerond; ik ben nu bezig met mijn coschappen; eind oktober ga ik afstuderen. Wat betreft tijd is het best wel eens lastig. Ik woon in Amsterdam, dus ik reis nog al wat heen en weer. Je merkt wel dat de kinderkampen meer voorbereidingstijd kosten dan de kampen voor de wat oudere jongeren. Er gaat met de kinderkampen bijvoorbeeld veel nieuwe leiding mee, en daarin moet je veel tijd investeren om die te begeleiden."
Waarom voor deze studie gekozen?
,,Op de middelbare school wilde ik nooit iets met biologie of gezondheidsvakken doen. Mijn moeder was verpleegkundige en dat leek mij eerlijk gezegd niks. Tot ik in mijn examenjaar opeens besefte dat ik misschien toch wel graag geneeskunde wilde gaan studeren. Dat betekent dat ik datzelfde jaar alsnog een cursus biologie in Utrecht moest volgen. Dat is allemaal gelukt. En waarom die keuze? Ik werd op een gegeven moment wakker en dacht: het gaat toch geneeskunde worden. Veel studenten geneeskunde zeggen: 'ik doe het omdat ik mensen wil helpen'. Het klinkt zo afgezaagd, maar dat zit er toch ergens wel in. Als ik later mijn specialisme ga kiezen is dat patiëntencontact ook wel het allerbelangrijkste."
Wat voor specialisme ga je kiezen?
,,Ik ga niet richting de snijdende vakken, dus het wordt interne geneeskunde of huisarts. Ik denk een van die twee. En dat hangt dan vooral af van de hoeveel tijd die ik wil gaan werken later. Interne geneeskunde is zwaarder en minder dan vier dagen kun je niet werken. Als ik later een gezin wil past de keuze van huisarts daar misschien beter bij. Misschien moet je wel niet zo denken, maar het speelt toch mee. Voorlopig is het echter nog niet aan de orde. Mijn laatste coschappen ga ik bij de interne geneeskunde, afdeling hematologie doen. Daar zet ik nu op in en dan zie ik wel hoe het loopt en wat ik daarna ga doen. Heerlijk als straks mijn studie is afgerond; Ik kijk er naar uit om alle kennis in de praktijk te brengen."
Wie ga je uitnodigen voor het volgende gesprek?
,,Een vriendin van mij, Kelly de Haan. Samen met haar vriend is zij sinds een paar jaar eigenaar van restaurant de Kempers Roef. Ik ben benieuwd hoe zij het voor elkaar krijgt om op zo'n jonge leeftijd leiding te geven aan een team mensen, die vaak bijna net zo oud zijn als zij.''