UITGAAN & VRIJE TIJD |
17 november 2011
|
1
|
Door de dichtbijredactie, Anke Steffers (Witte Weekblad)
WOUBRUGGE - Als het doek opengaat, klinkt al een zacht gegniffel in de zaal. Het publiek ziet een toiletgebouw. De eerste dialoog, die nogal dubbelzinnig is, ontlokt bij de toeschouwers een hardere lach. Het is duidelijk; het Woubrugse Amateur Toneel heeft haar kijkers uitgenodigd voor een avondje ontspanning met het blijspel Als de boodschap maar duidelijk is.
De hoofdrollen zijn voor Ada Pijnnaken en Dirk Scholte. Scholte, die Arjan Koster vervangt en pas sinds een kleine week bij de spelersgroep zit, lijkt zich helemaal op zijn gemak te voelen. Hij speelt Henk die met zijn vrouw Annie (Pijnnaken) op een camping in Frankrijk werkt. De baas is afwezig en zij moeten het nu doen met Peter (Bram Owel), een zeurderige, slijmende baliemedewerker.
De spelers vormen een bont gezelschap. Henk en Annie uit Amsterdam, campingast Sjors - overtuigend op zijn Belgisch neergezet door Martien Blom - gast Beth uit Engeland die Renske Grandia heel wat tongbrekende zinnen oplevert en Francois (Frank Ubink), een jongen uit het nabijgelegen dorp die het Nederlands niet helemaal beheerst, maar zich hier vooral achter verschuilt als hij weer eens in de problemen zit. Zo papt hij aan met twee gasten tegelijk; Karen en Marieke (Jaimy en Romy Gosen), wat veel vraagt van zijn improvisatievermogen. En dan is er nog Do de Haan (Lia den Brave) die met haar maagproblemen Annie veel extra werk bezorgt.
Poep en pies zijn de hoofdingrediënten in het blijspel. Ook logisch bij een toiletgebouw. Maar flauw wordt het stuk nergens. De onderbroekenlol kent zijn grenzen en de spelers staan duidelijk al langer met elkaar op het toneel. Al geldt dit niet voor Scholte.
Scholte speelt bij de Zwammerdamse Amateur Toneelvereniging. 'Ik werd met open armen ontvangen,' vertelt hij. 'Nu is WAT ook wel vergelijkbaar met ZAT. Het gaat om lol hebben. En het heeft eenzelfde slag mensen.' Zijn eerste avond stond Scholte, zo spreken zijn medespelers, al vrij op het toneel te spelen. 'Ik gleed er makkelijk in. Nu is het spelen van een Amsterdamse klusjesman natuurlijk ook makkelijker dan een chique advocaat. En ik had Ada als tegenspeler. Die is zo tekstvast en speelt zo lekker vrij.' Van spanning had hij niet veel last. 'Ik heb het één keer eerder in Zwammerdam meegemaakt. Een speler moest met spoed geopereerd worden. Toen lukte het ook binnen een week.'